Afgang

Het gaat niet zo goed met het onderwijs in Nederland. We maken ons allemaal massaal zorgen over het niveau van onze studenten ( nog even en de leerling in het primair onderwijs heet ook ‘student’; dat klinkt tòch weer wat wijzer ), en het niveau van de docenten is ook al niet meer om over naar huis te schrijven. Het niveau van de bestuurders en managers, daar hoor je nog niet zo heel veel over trouwens. Je zou haast denken dat alle problemen veroorzaakt worden door degenen die alle onderwijsvernieuwingen en -veranderingen moeten uitvoeren, niet door hen die ze bedacht hebben. 39 % van de studenten die een opleiding op In Holland hebben gevolgd, blijkt een onwaardig diploma op zak te hebben. Er moet dus gereorganiseerd worden, en – opvallend – een van de eerste zaken waar de bezem rigoreus door heen gaat is het competentie-onderwijs. Dat wordt afgeschaft en vervangen door iets wat “meer structuur” aan de studenten biedt, aldus bestuursvoorzitter Doekle Terpstra.  Al die proteseterende docenten en studenten blijken dus toch gelijk te hebben gehad. We tragisch dat daarvoor eerst 39% van de studenten een waardeloos papiertje in de maag gesplitst moest krijgen.

Zelf geef ik les aan een MBO-opleiding. Over sommige leerlingen maak je je ernstig zorgen; zwakke taalbeheersing bijvoorbeeld. Die gaan vervolgens toch op wonderbaarlijke wijze naar het HBO en drie jaar later zie je ze ineens weer zitten in de docentenkamer, dit keer als collega…. de vakkennis zal hoop ik wel voldoende zijn, maar hoe breng je die vervolgens over aan taalzwakke leerlingen als je je taal zelf ook al gebrekkig beheerst?

Een dochter van mij volgt een 4-jarige opleiding aan, ik noem hem hier maar gewoon, het ROC ASA in Amersfoort. Middelbaar hotelonderwijs. Geheel gegeven volgens de moderne en zaligmakende principes van het competentiegerichte onderwijs, zo werd ons op een open dag juichend door een belangrijke spreker meegedeeld. De veelbetekenende blikken van de in de zaal aanwezige docenten spraken boekdelen.  Nu, drie jaar verder, is het aantal werkelijk gegeven lesuren op de vingers van een paar handen te tellen. Drie jaar klaagzang op het niets doen, het vervelen en de uitval aan moeten horen. En dat uit de mond van een leerling die net als veel andere leerlingen toch best wel de nodige tijd aan zinnig – in onze ogen zinloos –  niets doen wil spenderen. Ze loopt nu stage in Australië. Dat is natuurlijk mooi, het mag wat ( Europees geld ) kosten, maar je kunt grote vraagtekens gaan zetten als die stage ( van 4 maanden ) in feite bestaat uit 2 maanden les krijgen op een school waar het niveau nòg lager is en waar de resterende 2 maanden stage bestaan uit 5 weken lang 3 avonden in de week borden afruimen in een casino.  En dat alles geregeld en gesanctioneerd door de school. De rest van de tijd wordt verveeld en geluierd. In feite wordt er van het hele derde schooljaar vier maanden niets gedaan, krijgen de leerlingen vier maanden geen zinnige opleiding. Zoiets gebeurt niet alleen op ROC ASA, zoiets gebeurt ook niet overal. Maar het gebeurt wel akelig vaak en is tekenend voor het verval waarin het onderwijs zicht steeds meer lijkt te bevinden.

Op de MBO-opleiding waar ik werk krijgen we elk jaar een steeds grotere toestroom van leerlingen van andere MBO’s te verwerken. Ze komen ongeveer op hun knieën naar ons toe, of wij ze toch alsjeblieft willen aannemen, want wij geven nog wat meer “ouderwets” les. Nog wel.

En ja, hoe nu verder? We zullen nog wel dieper zakken op de internationale ranglijsten vrees ik. Dat gaat nog jaren door, met die afkalving. Niet elke onderwijsvernieuwing is een achteruitgang. Ook in het competentiegericht onderwijs zitten goede dingen. Maar het klakkeloos zalig en tot enige grote almacht verklaren van weer iets wat door een groepje deskundigen ver buiten de dagelijkse onderwijspraktijk is bedacht, kunnen we ons echt niet meer permitteren. De tweedeling in de maatschappij, tussen hen die nog wel een waardevol diploma hebben en hen die het met een twijfelachtig papiertje moeten doen, zal nog veel groter worden. ‘Kennis is macht’; de groep die over beide beschikt wordt helaas steeds kleiner, en daardoor ook gevaarlijker….

4 antwoorden op “Afgang”

  1. Het is niet het competentiegerichte onderwijsmodel dat niet goed is, het zijn de mensen die niet in staat zijn om de kwalificatiedossiers ter hand te nemen, zich te verdiepen in wat CGO nu eigenlijk zou kunnen inhouden. Onderwijs ontwerpen is een vak.
    Ik ben het wel met je eens dat diegenen die de theorie bedenken en de dossiers (die nog steeds niet leesbaar zijn) schrijven, wel wat meer met de poten in de modder zouden hebben kunnen staan. Maar dunne docenten hebben dikke boeken nodig en organisaties investeren te weinig in personeel. Te veel ongekwalificeerde docenten voor klassen, lijkt mij het probleem en het maakt niet uit bij welk onderwijsmodel.
    Denk je dat het “oude” eindtermen onderwijs beter is? Het gaat toch over de kwaliteit van inhoud van onderwijs en het maakt toch niet uit welk onderwijs en examenmodel daar aan vast hangt.
    Het blijft wat mij betreft ook een raadsel waar de fabel dat in Competentiegericht Onderwijs er geen les, structuur en toetsing meer nodig is…dat staat nergens hoor.

  2. Triest voor de individuele leerlingen en een aantal dingen die je beschrijft zijn herkenbaar. Maar met één ding ben ik het niet met je eens: dat de oorzaak ligt in het cgo. Als je een niet capabele docent op een Montessori school neerzet, wordt het ook een puinhoop. Maar daarmee kun je toch niet de onderwijskundige opvattingen van Montessori bij het groot vuil zetten? Drie jaar geleden las ik in een teambeleidsplan bij ons op school het volgende: ‘Dit jaar gaan we competentiegericht onderwijs ontwikkelen. Volgend jaar voeren we het in.’ En dat was het. Vind je het gek dat het dan niet gaat werken? Voor de uitvoering van je onderwijs ben je als docent verantwoordelijk, daarbij kun je je niet verschuilen achter welke uitgangspunten dan ook. Maar zolang we aan docenten in het mbo minder eisen stellen dan aan onze leerlingen, zal er wel niet veel veranderen. Ook niet als we teruggaan naar welk onderwijssysteem dan ook.

  3. Ik wil een misverstand rechtzetten over het competentiegericht onderwijs bij Inholland: dit zal zeker niet verdwijnen. Alle HBO opleidingen hebben landelijk geformuleerde opleidingscompetenties, en daar blijven de Inholland opleidingen zich uiteraard aan commiteren. Wat wel aangepast wordt is de major/minor structuur van opleidingen. Opleidingen herkennen zich vaak niet meer in een gezamenlijke major, en voor studenten lijkt de keuzevrijheid in de minoren te groot. De opleidingen zullen een meer herkenbaar eigen profiel en voor de student meer gestructureerde afstudeerrichtingen krijgen.

    Collegeale groet,

    Reen Pouwels
    Hogeschool Inholland
    Dienst beleid&bestuur
    Afdeling onderwijs&onderzoek

  4. Het is niet mijn bedoeling om hier nu even het CGO van tafel te schoffelen. Wat m.i. wel blijft is het feit dat bij de jarenlange onderwijsvernieuwingen er steeds van uit is gegaan dat leerlingen en studenten die vernieuwingen ook wel graag zouden willen. Ik kom steeds meer tot de conclusie dat leerlingen eigenlijk heel behoudend zijn, en op deze leeftijd juist behoefte hebben aan vastigheid en structuur. Ze willen weten waar ze aan toe zijn en ze willen ook meten hoe ze er aan toe zijn. Het is een biologisch gegeven, horende bij de ontwikkeling, en dat poets je niet weg door steeds maar weer je onderwijs te vernieuwen.
    Leerlingen hebben niet geleerd zelfstandig te werken en te leren: daar zijn ze pas in een bepaalde levensfase aan toe. Ik denk dan ook dat het CGO, mits op de juiste wijze ingevoerd en op de juiste wijze door kundige en goed voorbereide docenten uitgevoerd, pas op het HBO kans van slagen heeft.
    We zitten nu echter in een vicieuze cirkel: te vroeg en te haastig beginnen met slecht uitgevoerd CGO op het MBO, waardoor de leerlingen op een te laag niveau uitstromen naar het HBO, dat vervolgens weer studenten ( = docenten ) op een te laag niveau aflevert die weer een nieuwe lichting (MBO-)leerlingen slecht les gaan geven. Zo glijden we dus steeds verder af.
    Heel ouderwets, maar het onderwijs vóór het HBO zou veel meer de nadruk moeten leggen op het degelijk instampen van (vak)kennis, en – niet te vergeten – sociale vaardigheden. Daarna kun je met een gerust hart het CGO op ze loslaten.

Geef een reactie

Het e-mailadres wordt niet gepubliceerd. Vereiste velden zijn gemarkeerd met *

3 × een =