Voeg jij me effe toe

Het ideale middel om tot op hoge leeftijd jong ( en eventueel wild ) te blijven bestaat, en het heet: onderwijs. Niets houdt de mens zo fris en fruitig als de omgang met leerlingen, dus wat dat betreft kan ik iedereen een baan in dit dynamische wereldje aanraden. U bent altijd op de hoogte van de laatste trends en ontwikkelingen op mode- en muziekgebied, u ziet wat voor gadgets er op de markt zijn en u weet alles over tot voor kort raadselachtige termen als social media, Facebook , Twitter, WhatsApp en Draw something. U hoort over de laatste dancefestivals, welke lineup er staat, u weet alles van pilletjes, paddo’s, flashmobs, schuren, bubbelen en afterparty’s. Voor de basisschool gelden deze begrippen op een wat lager tandje, maar je kunt er niet vroeg genoeg bij zijn. U herleeft uw jeugd en denkt de hele wereld aan te kunnen.

Nu zijn docenten door alle eeuwen heen echter ook de meest behoudende lieden op aarde, en ze lezen in het algemeen slechts één boek per jaar: de Elseviers Belansting Almanak ( dat laatste heb ik trouwens niet van mezelf, maar er zit soms een kern van waarheid in ). Naarmate ze ouder worden, verstart hun houding nog verder, en wars van alle vernieuwingen strompelen zij van weekend naar vakantie naar weekend naar pensioen. Zelf nader ik ook inmiddels die leeftijd, en mocht ik tot die tijd niet alsnog in totaal overspannen toestand het schoolpand hebben verlaten en in een gekkenhuis zijn beland, dan is het te verwachten dat ik net als velen met mij de hakken nog verder in het zand ga zetten en bij voorbaat overal tegen ben.

Tot de 21e eeuw zich aandiende, met als gruwelijke bijkomstigheid de social media als Twitter en Facebook. Je wilt als docent natuurlijk door je leerlingen voor zo jong mogelijk versleten worden en door je directie voor zo oud en breekbaar mogelijk en dus te ontzien, dus is het voor ons leraren een beetje schipperen geblazen. Er was een tijd dat een docent een persoon was die gezag uitstraalde en ontzag inboezemde, nu dien je – zo vinden sommigen – onder invloed van media, Den Haag, management en allerlei onderwijsadviesbureau’s zo laag en diep mogelijk tot het niveau van de leerling af te zakken en mag  je nog uitsluitend een soort voorzichtig begeleidende rol op je nemen. Dat wordt dus behoedzaam manouevreren tussen de oude en de nieuwe tijd. Wat kun je wel, wat kun je niet, wanneer verword je tot een potsierlijke clown?

Op Twitter ontstond gisteren een discussie over wat je je als docent kunt permitteren naar leerlingen toe wanneer je heel hip en vooruitstrevend besloten hebt om je nieuw aangeschafte mobieltje ook te benutten voor het contact met hen, binnen of buiten lesverband. Jongeren vinden het prachtig wanneer je op de hoogte bent van hun leefwereld, en je kunt je ongekend populair maken door met het momenteel meest begeerde mobieltje te gaan rondzwaaien.  Ze vinden het leuk wanneer je je een beetje vlot kleedt en er niet bij loopt als de typische docent in oude C&A-spijkerbroek, een flodderig ruitjesjasje met elleboogstukken en krijtstrepen en wat pennen uit de borstzak. Er wordt sterk op je gelet, en een beetje leerling ziet aan de stiknaad van je jeans welk merk het is en of dat nog wel verantwoord is of niet. Je krijgt dat dan ook terstond te horen, en moedeloos fiets je die dag naar huis omdat je blijkbaar net weer de verkeerde winkel bent binnengestapt voor je schaarse kledingaankopen.

Voor jonge docenten is het heel makkelijk en verleidelijk om volledig in de wereld van hun publiek mee en soms ook op te gaan; die wereld ligt immers nog maar kort achter hen. Voor ouderen, en dan bedoel ik boven de dertig, wat in de ogen van een leerling al stokoud is,  is  het lastiger. Laat je je nog bij je voornaam noemen, tutoyeer je elkaar of niet,  net zoals als het voor jongere docenten lastig is om met “u” en “Meneer” aangesproken te willen worden.
En er is meer: een beetje docent 2.0 zit tegenwoordig op Facebook en Twitter, en de wat behoudender types onder ons teren nog een beetje op Hyves. “O meneer, zit u op Facebook?”, en voor je het weet krijg je de mededeling dat die en die vrienden met je wil worden op Facebook, Hyves of dat je door je klas gevolgd wordt op Twitter. Vriend worden, met een leerling, in de toch wel behoorlijke anonimiteit van het internet, is iets anders dan vriendelijk zijn tegen diezelfde leerling in de vertrouwde omgeving van het klaslokaal. Voor een leerling is internet een deel van hun leefwereld, die betaat uit vrienden in real life en vrienden op Facebook, twee werelden die steeds nauwer met elkaar vervlochten zijn en waarin het begrip “vriend”een totaal andere betekenis heeft gekregen dan die wij er aan toekennen. Het is vooral een wereld van leeftijdgenoten, lotgenoten, soortgenoten; een wereld waar je je als school niet in moet mengen. In  de tijd dat een dagboek nog niet vervangen was door Twitter of een tijdlijn op Facebook, wilde je tenslotte ook niet dat je ouders of je leraar daar in ging zitten koekeloeren. In feite vraag je als leraar of je alles in de agenda of het mobieltje van de leerling mag bekijken. Je overschrijdt een onzichtbare maar duidelijke grens, die jouw wereld en die van de leerlingen scheidt.

Zie Twitter en Facebook als een enorme kroeg waar leerlingen buiten schooltijd in rond hangen, vaak dag en nacht. Stap je als onderwijsgevende in werkelijkheid de uitgaansgelegenheid van de leerlingen binnen wanneer ze daar op zaterdagavond aan het stappen zijn? Ik dacht het niet. Omgekeerd zit je er als docent ook niet op te wachten dat een leerling dag en nacht in de privé-sfeer van jouw woonkamer zit mee te gluren en alles ziet en weet wat je doet. Toch ben je daar wel mee bezig wanneer je leerlingen gaat volgen op Twitter of wanneer je ze een verzoekje om vriend te worden op Facebook stuurt. Omgekeerd ook, wanneer je op hun volg- of vriendschapsverzoek ingaat. Het is niet anders dan ‘s avonds laat op de bank thuis met een leerling over allerlei zaken gaan telefoneren. Men zou raar opkijken.

Alles wat je op het internet plaatst, staat daar in principe voorgoed, en kan door anderen gebruikt of misbruikt worden. Een grappig bedoelde opmerking kan snel verkeerd worden uitgelegd en een geheel eigen leven gaan leiden, kan honderden malen geretweet worden naar alle vrienden van de leerlingen die dat ook weer naar hún vrienden door sturen, ook als je zelf de tweet al weer hebt verwijderd. Je loopt als docent voortdurend langs de rand van een afgrond die Facebook en Twitter heet, of  langs de grens van de docenten- en de leerlingenwereld. Blijf daar dus een beetje uit de buurt vandaan, wanneer je geen geldige reispapieren hebt.

Nooit meer of Facebook of op Twitter dan? Natuurlijk niet, beide zijn een bron van informatie en vermaak. Je kunt ook als docent op beide media contact met je leerlingen onderhouden, en ze fantastisch gebruiken bij je lessen. De mogelijkheden zijn enorm! Maar alleen met een duidelijk herkenbaar school-account, een officiële schoolfoto, onder strikte afspraken en protocollen die elk school dient vast te leggen, en spelregels die er voor zorgen dat je je privé en je werk op dit gebied strikt van elkaar gescheiden houdt. Dan maar wat minder vrienden en volgers op Facebook en Twitter. Een goede buur is beter dan een vage digitale vriend.

Share

 


De school van de toekomst

schoolbordDe meester tegen de kindertjes op de eerste schooldag na de vakantie: “Zo kinderen, twitteren jullie maar eens in maximaal 140 tekens wat jullie allemaal de afgelopen vakantie hebben gedaan!”
Nu ook voor Wauwel de karig bedeelde zomervakantie ( even wat ogen uitsteken ) bijna voorbij is, breekt de tijd aan voor wat ideeën over de toekomst van het onderwijs. Trouwe lezertjes weten dat ik daar wel wat gedachten bij heb, waarvan ik er nu weer beknopt wat zal ventileren.

De school van de toekomst kent geen vakantie meer, en is 24 uur per dag, 7 dagen per week geopend, het hele jaar door. Jaloerse lieden die ons onze vakantie niet gunnen, zijn hier gelijk mee tevreden gesteld.
Vroegâh had je voor leerlingen twee dingen: de vrije tijd en de school. De school begon om half negen, eindigde om een uur of drie en daarna was het thuis huiswerk maken en voor de rest vrije tijd voor bijvoorbeeld een beetje tv-kijken, de sjoelcub, de sigarenbandjesverzamelclub, de voetbalclub, de Arendsoog-boekenleesclub, de knutselclub of voor mijn de kantklos-club. Internet nog nooit van gehoord, mobieltjes nog nooit van gehoord.
Een school die nu nog steeds aan deze traditie vast houdt, is wel zóóó 2008. Jongeren willen nu 24 uur per dag online zijn. Statistieken tonen dat ook aan, en in de grafieken zie je tijdens dat online zijn een enorme dip: die is niet ‘s nachts, wat je zou verwachten, maar juist op de momenten dat ze op school zitten. De school is dus blijkbaar een hinderlijke onderbreking van hun dagelijks leven, wat zich tegenwoordig ook voor een belangrijk deel virtueel afspeelt, en wat bovendien nog eens oneindig veel meer bezigheden kent dan 20 jaar geleden. De huidige scholier verwerkt op één dag meer informatie dan een middeleeuwer gedurende zijn hele leven.
Logisch dan ook dat zo’n middeleeuws instituut als de school, met z’n vaste lestijden en leermomenten, steeds meer een anachronisme wordt in het drukbezette leven van de moderne jongere. Daar lopen nog docenten rond die een computercursus moeten volgen, om op de hoogte te geraken van al die nieuwerwetse technieken. Er zijn er bij die het verschil tussen MSN en SMS niet weten. Of die het hebben over een “webside” in plaats van een “website“. Het lijken wel ouders. Er zijn scholen die de levensader van jongeren willen afsnijden: die verbieden het gebruik van mobieltjes binnen de school.  Vraag een jongere of hij of zij een dagje zonder mobieltje kan, en je weet van te voren wat het antwoord is.  als ik aan mijn dochters voorzichtig voorstel of het misschien handig zou zijn om hun mobieltje ‘s nachts uit te zetten, want waar heb je dat nu ‘s nachts voor nodig en zo, dan wordt ik aangekeken of ik helemaal gek geworden ben. Stel je voor dat je ‘s nachts een berichtje mist. Berichtjes, die inderdaad op de meest krankzinnige tijden binnenkomen.

Hippe scholen begeven zich hier en daar voorzichtig op de Twitter-markt. Voorlopig is dat zinloos, totdat elke jongere een mobieltje heeft met internet-verbinding.  Maar de school die zich nu in het aanbod van de lessen en het lesmateriaal niet gaat oriënteren op de mogelijkheden van het mobieltje, die gaat de boot missen. En dan bedoel ik niet het mobieltje waar veel docenten mee rondlopen, dus eentje waar je mee kunt bellen en waar hier en daar nog een antenne op zit. De nieuwe mobieltjes hebben allemaal snel internet, audio-visuele mogelijkheden en zijn rechtstreeks verbonden met schoolnetwerk, met de digitale schoolborden, met de docent, de klasgenoten, de laptop thuis en de e-reader in de klas en met de hele wereld.  Het nieuwe mobieltje is een soort uitbreiding op onze hersenen geworden, een nieuw lichaamsdeel.

De school van de toekomst blikt zijn beste docenten en zijn beste lessen in, is reëel èn virtueel 24 uur per dag open, en staat klaar voor de leerling op het moment dat het hem of haar uitkomt, dus niet wanneer het de school uitkomt. Dat ook nog onafhankelijk van de plek waar leerling, docent of school zich bevindt. Klassikale lessen op vaste tijden verdwijnen, en wat daar voor in de plaats komt bestaat uit hapklare, direct toepasbare informatie die wordt aangeboden wanneer daar op dat moment vraag naar is. En die informatie dient dan ook nog eens eindeloos via internet herhaald te kunnen worden.

De nieuwe school heeft vier knoppen: “PLAY-FAST BACKWARD-FAST FORWARD-STOP/PAUSE”. Daar kun je eindeloos op drukken, en zolang iets knopjes heeft, geluid maakt en licht geeft, dan is aandacht verzekerd.  De school van de toekomst draagt de leerling altijd met zich mee, in de vorm van het mobieltje in de broekzak.

Share

 


Twitter-gekte

Share

 


Body Sculpture

Op deze vroege morgen, waarop  ik – gehuld in zakkerige ochtendjas – scheef onderuit vanwege de rugpijn in mijn bureaustoel ben neer gezegen, zie ik dat ik een nieuwe volger op Twitter heb. Zoiets is natuurlijk fijn, wanneer je nieuwe volgelingen krijgt; je voelt je een soort evangelist of politieke partij, maar deze is wat moedeloos makend.
Het is namelijk een Engelse meneer die mij een e-bookje wil aansmeren over ‘Body Sculpture’.  Het werkje is getooid met een treurniswekkend plaatje, zoals hier boven getoond, en het roept mij opbeurend toe dat ik het mij niet kan permitteren dit boekje voor slechts zeven dollar links te laten liggen, en dat ik de wereld kan veroveren en dat ik op mijn oude dag gelukkiger zal rusten in mijn opgepompte spiermassa. Dit aanbod komt nooit meer.

Gelukkig maar. Ik heb het niet zo op spam. Wie de eerste digitale “Ja, wel (week)kranten – Nee, helemaal geen ongeadresseerd drukwerk” sticker weet te maken zal een rijk man zijn. In mijn mailbox weten elke week weer enige tientallen lieden mijn toch behoorlijk hoog opgeworpen barrière te omzeilen: de ene keer word je gedurende enkele weken gebombardeerd met reclame voor Viagra en dergelijke ; “It’s amazing how big your instrument can grow!” ( hoe weten ze dat ik de vijftig gepasseerd ben? ), dan weer een tijd aanbiedingen voor contactlenzen of kunstogen of iets dergelijks ( hoe weten ze dat ik contactlenzen een een heel assortiment brillen heb? ), en ook word ik geregeld bestookt  met uitnodigingen om allerlei studies te gaan volgen aan vage universiteiten ( weten ze dan niet dat ik de vijfitig al gepasseerd ben? ).
Zo af en toe komt er nog een mailtje binnen van bijvoorbeeld Dr. Richard Waziri Obozora, die namens de regering in Nigeria een flink bedrag  voor de weduwe van wijlen de president van een lokale oliemaatschappij op een veilige plek moet bewaren en die daarbij heel vriendelijk in eerste instantie aan mij heeft gedacht. Dat soort mailtjes vind ik natuurlijk heel prettig om te ontvangen, want op die manier heb ik al ongeveer het gehele bruto nationaal product over de afgelopen tien jaar van dat land  bij elkaar weten te sprokkelen. Als er nog iemand is die dat enorme bedrag een tijdje tegen vergoeding voor mij in bewaring wil nemen, dan meldt hij of zij zich maar via deze site. Wel even een waarborgsom storten svp.

Even nog terug naar de Body Sculpture. Ik ga dat boekje niet kopen. Ik raad andere Twitteraars aan dat ook niet te doen. Van gewoon stevig door bloggen en Twitteren – bijvoorkeur op een mobieltje met zo klein mogelijke toetsjes – krijg je ook stevige spieren.  Kom je dus op straat iemand tegen met enorm ontwikkelde onderarmspieren en en reusachtig gespierde vingers die in een klein subtiel puntje eindigen, dan weet je: dat is een blogger of een Twitteraar.

O ja, sommige lezertjes zijn benieuw naar deel 3 van mijn Chinese avonturen. Daar wordt aan gewerkt. Wanhoopt niet.

Share

 


Twitter is voor bejaarden

YouTube Preview Image

Tena Lady, Kukident, Twitter, Staaroperaties, Beter Horen, Rollator, Scootmobiel, geruite pantoffels, Andre Rieu, Moezel-cruises, Omroep Max, Bustochtje naar de Betuwe, Vrij Reizen-dag, BAPO, Steunkousen……

Wat hoort niet in bovenstaand rijtje thuis? Moderne en digitaal onderlegde lezertjes zullen direct “Twitter” roepen. Mooi niet dus. Twitter is voor oude sokken, dementerende bejaarden, kortom, voor iedereen die boven de dertig is. Althans, dat blijkt uit een onderzoek verricht door een Engelse student, en zijn bevindingen zijn in de hippe, digitale, door snelle dertigers en veertigers geschapen wereld ingeslagen als een bom. Kon je eergisteren nog een beetje interessant doen door staande in de metro tussen het gewone klootjesvolk een beetje voor je uit te twitteren op je iPhone, nu bedenk je je als gisse en geslaagde reclamejongen wel twee keer voor je je tot dergelijk hopeloos ouderwets gedrag laat verleiden. Twitter is voor old folks, en wie twittert is omgeven door de geur van te lang gedragen vleeskleurige step-ins. Je digitale bodem valt onder je voeten weg, en het enige wat je nog met goed fatsoen kunt doen, is houvast zoeken bij de antenne van je eerste gsm en terugverlangen naar je Commdore 64. Hoe hard word je ineens met je leeftijd geconfronteerd door zo’n snotneus, die oneindig veel scherper alles doorziet dan jij met je door rimpels en leesbril getroubleerde blik.

Voortaan bepaalt het al of niet Twitteren of je nog tot de jeugd behoort of tot de bejaarden. Dat jongeren niet twitteren had ik ook wel kunnen bedenken, zelfs op mijn leeftijd. Voor mijn school, met 1400 leerlingen, had ik ook een Twitter-accountje aangemaakt. Na driekwart jaar een stuk of twintig volgers, geloof ik. Tegen de tijd dat ze zich allemaal internet op hun mobieltje kunnen veroorloven, hebben ze een baantje en zijn ze brave burgers net als u en ik.  En wie zit er helemaal te wachten op Twitterberichtjes die stijf staan van de sms-taal en de meest gruwelijke spelfouten?  Wie is hier nu ouderwets, wij of zij? Wie lopen voorop met nieuwe ontwikkelingen? Wij toch zeker! Maar, toegegeven, dat kindse en speelse gedrag van ons kan ook het begin van vroegtijdige seniliteit zijn. Alles gaat immers steeds sneller in deze wereld. Het is haast te veel voor ons teer gestel. Daarom nog gauw een uurtje twitteren, waarbij we net als in de koffiekring van het bejaardenhuis de dag doorspreken,  en dan bijtijds naar bed!

Share

 


Stem op mij!!!! Tweet #Ja of #Nee

YouTube Preview Image

Stemhokjes en oudere heren die je naam controleren in een verlaten klaslokaal zijn zóóó ouderwets. Het kan allemaal veel makkelijker en goedkoper met Twitter. Nou ja, als je een beetje dóór fantaseert dan. Neem nou die Euroverkiezingen, daar wil toch geen hond heen. Beetje met een stomp potlood je stem uitbrengen in een schemerig stemhokje op een schemerige uitgerangeerde kandidaat die graag een dik salaris wil  verdienen met heen en weer reizen tussen Straatsburg en Brussel.
We gaan dat even helemaal anders doen. Iedereen die wil dat hij of zij ergens voor gekozen wordt, neemt gewoon een Twitter-account. Daarna gaat die persoon als een bezetene aan de slag om zoveel mogelijk volgers ( “Followers” in Twitter-jargon ) te krijgen, door flink te Twitteren. Bijkomend enorm voordeel is dat de uitgedragen boodschap in kernachtige kreten van maximaal 140 tekens  (de limiet voor Twitter-berichtjes)  uitgedragen moet worden, iets waar ik tot nu toe nog geen enkele politicus op heb kunnen betrappen.
Zo’n kort-en-bondig type verzamelt dan in een bepaalde tijd een schare volgers om zich heen. Degene met de meeste volgers heeft gewonnen. Zo simpel kan het wezen. Niks geen gedoe of geldverslindende campagnes, enorme bezuinigingen zijn ons deel. Vergaderingen kunnen voortaan eigenlijk ook wel via Twitter, gewoon vanuit de luie stoel. de kantoren in Brussel en Straatsburg kunnen dicht. En snel klaar hè, want niemand die lang door kan neuzelen!

Wil men toch nog graag ouderwets-achtig stemmen , dan laat je je volgers gewoon eenmalig een berichtje sturen: #BalkenendeJa of #BalkenendeNee . Daarna is het een kwestie van de reacties tellen.

Twitter bepaalt dus je populariteit. Ik heb alvast wat vooronderzoek gedaan, bijvoorbeeld bij de Nederlandse politiek. Dat gaat een heel kleine Tweede Kamer worden, met slechts enkele partijen. Minister-president wordt @MaximeVerhagen: hij heeft 132002 volgers. Nee, dan Balkenende: een beetje gespleten persoonlijkheid helaas, want daar zijn er drie van. Meerder gezichten heeft die man, degene met het grootste gezicht heeft 694 volgers. Dat gaat niks worden dus. Het pleit voor een soort echtheids-certificaat van onze politieke Twitteraars. Geert Wilders twittert ook. Ook al zo’n schizofrene politicus, want er zijn er ook meerdere: 1702 volgers. Alexander Pechtold twitters niet onverdienstelijk met 3877 volgers. Het kabinet zal dus zo’n beetje bestaan uit CDA, PVV en D’66

Nu het grotere werk, in de persoon van über-Twitteraar Obama: 1173144 volgers. Volg mij!
De Paus twittert daarentegen weer niet. Hij heeft blijkbaar geen behoefte aan volgers. Hoeveel volgers zou Jezus hebben als Hij kon twitteren? Onbetwiste winnaar toch nog steeds denk ik, hoewel het een nek aan nek race met Mohammed zal worden. Er zijn al wel enkele Jezussen op Twitter, maar ik twijfel sterk aan de echtheid. Mohammed ben ik op Twitter  vreemd genoeg niet tegen gekomen.

Hier in dorpje B. op de Veluwe is men ook al begonnen: de belagrijkste politieke Twitteraar, @B_A_Schermers heeft al 47 volgers. Dus, inwoners van B., doe die man een plezier en volg hem ook even. Want stel je voor, straks win ik nog met mijn 240 volgers. En wie wil Wauwel nou als belangrijkste politieke macht in B.? Mij volgen mag trouwens wel hoor: www.twitter.com/wauwel. Ik heb trouwens niet echt politieke ambities.

Share

 


Alle scholen dicht

Leslokaal 2010

Die varkensgriep kan mijn niet snel genoeg komen. Alle scholen gaan dan dicht, zo weet o.a. de Telegraaf ons te melden tussen alle songfestivalperikelen door. Niet dat ik een hekel heb aan school, en als de boel dicht gaat zullen wij  als docenten er toch wel zijn, maar zo’n onverwachte sluiting is een uitgelezen kans om ons eens volledig te bekeren tot e-Learning. Enige jaren geleden heerste hier in de regio Mond- en Klauwzeer en ook toen waren wij genoodzaakt de tent enkele weken te sluiten. Het aantal hits op onze internetpagina’s steeg tot astronomische hoogte, en zelfs de docenten en het management zagen het internet-licht en de geneugten die dat met zich meebrengt.

Ik mag dus ernstig hopen dat  het management de griepscenario’s reeds volledig heeft uitgewerkt en een grote rol heeft weggelegd voor Twitter en Electronische Leeromgeving. Vooral Twitter zal een enorme boost door maken, en als het nu niet lukt met  alle digitale zegeningen in het onderwijs, dan wordt het nooit meer wat, en zullen wij tot in lengte van dagen gedoemd zijn tot het krijtje en een stoffig schoolbord.  Die griep die gaat er natuurlijk komen. Gisteren las ik dat wanneer je niest, daarbij zo’n drieduizend miniscule druppeltjes verspreid worden waarin zich zo’n twintigduizend virussen bevinden, die allemaal naarstig op zoek gaan naar het dichtstbijzijnde menselijk wezen.

Het is ook gelijk een mooie gelegenheid om leerlingen langer op school te houden, zoals meneer Hans de Boer, voormalig voorzitter van de Taskforce Jeugdwerkloosheid sinds vandaag graag wil. Ook al wordt het dan een virtuele school, waarin leerlingen op elk door hen gewenst tijdstip kunnen inloggen. Die aanwezigheid is eenvoudig te registreren, zodat iedereen eenvoudig aan z’n verplichte aantallen uren komt, en mocht een leerling de boel willen flessen door ondertussen iets anders te gaan doen, dan verplicht je zo’n booswicht tot het om het half uur indrukken van een toets of een moeilijk woord; zo wordt digitaal spijbelen een stuk moeilijker en leren ze en passant nog een beetje spellen ook.

Voor docenten met ordeproblemen wordt het ook een stuk makkelijker, scholen gaan enorm besparen op verlichting, verwarming, gebouwen etc, en kunnen in de toekomst volstaan met een serverkastje ergens bij de directeur thuis of zo. Vergaderen gaat allemaal middels de webcam, en ook hoogbejaarde docenten die eigenlijk alleen nog maar aan een infuus vegeteren kunnen weer ingeschakeld worden voor het bedienen van enkele knopjes op het toetsenbord. Zo bespaar je ook op ziektekosten. Op het moment dat iedereen weer gezond en wel naar school kan is het hele onderwijssysteem van een geldslurpend log apparaat veranderd in een geoliede digitale leeromgeving, die de student diens gehele leven verder begeleidt. Een Leven Lang Leren in optima forma.

Zo zie je maar weer: van elke bedreiging kun je weer een kans maken, en overdrijven is ook een vak.

Share

 


Griepje

ll_plague

Nederland heeft de eekhoorn als meest favoriete zoogdier gekozen, en helemaal onderaan de lijst staat de rat. Koeien, paarden, katten en honden mochten niet meedoen, want niet inheems, dus ook het varken staat niet op de lijst. Dat varken zou nu wel eens met stip op de allerlaatste plaats kunnen komen, want dit dier heeft een nogal nare griep geïntroduceerd, die nu in razend tempo de wereld over lijkt te gaan. De pandemie is eindelijk daar, en zwartkijkers voorzien het einde der tijden. De komende uitgaven van Wauwel goed bewaren dus maar, want het konden wel eens exemplaren met antiquarische waarde worden.
Ab Osterhaus wordt ongetwijfeld beroemder dan Balkenende, en hij zal dan ook degene zijn die straks het crisis-kabinet gaat leiden wat ons door de financiële en nu ook door de griepcrisis moet gaan loodsen.
Nu had Wauwel aanstaande dinsdag naar Schiphol willen afreizen om bij de balie van – naar ik meen Tui – zo’n last minute-reisje te boeken, maar de keus wordt met het updaten van het nieuws steeds kleiner: Mexico is bij voorbaat al uitgesloten, New York en Nieuw-Zeeland kunnen al niet meer, en nu net komen ook Frankrijk en Groot Brittannië al op de Zwarte Lijst te staan. Morgen blijft misschien alleen nog dorpje B. op de Veluwe over.

Het is gedaan met het reizen. Waar vroeger de rat – toen ook al niet echt geliefd – met behulp van de pest hele dorpen en steden wist uit te roeien, is nu die taak over genomen door het varken, c.q. de mens. Het grote co-coonen is aangebroken, en de verkoop van horretjes ( van waarachter we angstig naar buiten kunnen kijken )  en mondkapjes ( voor als we toch nog schichtig naar buiten moeten, in de hoop niemand tegen te komen ) gaat een enorme vlucht nemen.

Twitteren wordt het nieuwe communiceren. Twitter: het digitale mondkapje. Zo zullen wij al twitterend elkaar kond doen van het steeds verder decimeren van de wereld om ons heen. Al twitterend gaat de mensheid ten onder. Een kleine groep blijft over: de echte computernerds, de twitteraars van het eerste uur, die toch al redelijk contact-gestoord waren. Het wordt de wereld van lieden met mensenvrees, met pleinvrees, van eenlingen, zonderlingen en digitale kluizenaars. Geen contact meer zeg. Stel je voor dat je er wat aan over houdt.

Share

 


Ratrace

Ik wil ook een Portugese Waterhond en wel nù, want Obama heeft er ook eentje en Martin Gaus zegt dat het goed is.
Ik wil mijn kind – als er onverhoopt nog eentje geboren wordt – ‘Bo’ noemen, want zo heet het nieuwe hondje van Obama ( had het dan niet beter “Ba” kunnen heten?
Ik wil persé een JSF, want Jack de Vries zegt dat het ons anders miljoenen gaat kosten en dat het een goed toestel is want Obama heeft ze ook besteld.
Ik wil ook als een bezetene Twitteren, zelfs als ik niets te melden heb, want half  Nederland Twittert en Maxime Verhagen doet het ook.
Ik wil van het ene naar het andere ICT-congres vliegen en voor de zoveelste keer het verhaal van de Homo Zappiens horen, die volgens mij voor een groot deel helemaal niet bestaat.
Ik wil als eerste de nieuwe CD van Susan Boyle. want heel Engeland is wèg van haar.
Ik wil Fitna 2 zien. Ik wil naar koninginnedag in Apeldoorn. Ik wil een keertje coma-zuipen . Ik wil de opvolger van de iPhone. Ik wil een nieuwe keuken met een wokbrander, want wokken is zóóó 2010.

……..

Van diverse kanten bereikten mij de afgelopen maand verontruste mailtjes en twittertjes waarom het zo stil was op het Wauwel blog- en twitterfront. Rust. Of ik soms ziek was, dood, of leuke dingen aan het doen. Of ik helemaal gek geworden was.

Niets van dat al. Wauwel had het even helemaal gehad met alle hypes en gadgets. Overwoog zelfs even om het hele weblog maar op te doeken. Want waar doe je het eigenlijk allemaal voor? Veel Twitteraars en Webloggers zijn een soort digitale ADHD-ers. Je roept en je blèrt, en een heel enkele keer krijg je wat respons, vaak ook geroep en geblèr.  Maar ja, je wilt vooral niet achterblijven, de jaren gaan telllen, stel je voor dat je oud wordt, dat je niet meer op de hoogte bent van alle ontwikkelingen. Je wordt een digitale paria, zo eentje die op beurzen nog zijn postzegelverzameling op de Commodore 64 vertoont, geruite pantoffels onder de tafel. Laatst bereikte mij trouwens schokkend nieuws: die geruite pantoffels – de lekkerste die er bestaan – zijn nergens meer te krijgen, zelfs niet in dorpje B. op de Veluwe. Het pantoffelbedrijf heeft de kredietcrisis zeker ook niet doorstaan, en je scoort ook niet bepaald met die dingen op feesten en LAN-party’s.

Wat heeft Wauwel dan zo al de afgelopen maand gedaan? Wel, naast heel druk met werk heeft hij heerlijk genoten van het mooie weer, veel gewandeld, veel gelezen, zijn bureau opgeruimd, musea bezocht, Pasen gevierd, weer eens naar de tv gekeken, wat geknutseld in huis, z’n email geordend; allemaal dingen voor oude mensen.
Wauwel heeft slechts twee of drie twittertjes geplaatst, en heeft nul keren op zijn weblog gekeken.

Heel bevrijdend allemaal. Heel ontspannen. Bijtanken, ideeën opdoen. En dat terwijl de vakantie nog moet beginnen. Een maand niet twitteren of webloggen, het gaat vast een trend, een nieuwe hype worden. Naast de-friending nu de-twittering en de-blogging! Ik raad het iedereen aan. Doe het ook, want vóór je het weet tel je niet meer mee!

PS: En vooral een hartelijke groet aan Bernard, daar in het warme, lome Kenia. Ik ben wel een beetje jaloers op je!

Share

 


Onderwerpen:

Laatste reacties

    • LEHTI: Herstel: Over kunst doe ik wel een uitspraak: onderstaand schilderij is erg mooi qua…. alles. Kan er...
    • LEHTI: Over kunst doe ik geen uitspraak. Ook heet ik geen Jelle of Nelle. Wel ben ik blij te lezen dat er opnieuw een...
    • Jeroen: Leuke blog! Kan mij dan ook volledig in je positie verplaatsen! Zelf ben ik ook echt gadget gek, kan dan ook...
    • Erik Boeschoten: Dank voor een heerlijk positief inkijkje in je praktijk. Dat is weer een onderwijspareltje online ;-)
    • Frank: Het lijke me eerder een probleem welke raampjes je gebruikt en hoe je ze afdicht. Twee glaasjes in formaat...

Archief