Down Under

Afgelopen weekend vertrok mijn jongste dochter voor vier maanden voor haar stage naar Australië. Vreselijker nog: het reisdoel was Brisbane. Je hebt dan als overbezorgde vader visioenen van door de straten zwemmende krokodillen, gifslangen en dolgeworden haaien, en daarnaast nog een partijtje besmettelijke ziekten als cholera en buikloop.
Nu heb ik ooit te maken gehad met cholera, toen ik als argeloze toerist voor-het-eerst-in India de krankzinnige aanwijzing van onze gids opvolgde: ‘Ga bij dat stalletje om de hoek maar een hapje eten, dan wen je snel aan het lokale voedsel.’ Drie dagen na aankomst was uw blogger dus gevloerd door een zware vorm van cholera, een diagnose die pas weken later , uitgemergeld terug in Nederland werd gesteld. Daarvóór had ik gedurende de reis een stoet van plaatselijke medicijnmannen aan de diverse lompenbedden waarin ik verbleef, gezien; die constateerden na een peinzende en ernstige blik in hun aftandse stethoscoop allemaal een andere levensbedreigende aandoening. Dat werd dan weer bestreden met een waslijst van over-de-datum-medicijnen of injecties met iets onbestemds er in. Eén van de geneesheren schroomde ook niet mij volledig plat te spuiten en vervolgens mijn vrouw uit te vragen voor een jolig avondje in de dorpsbioscoop. En ja, ik kwam toch niet verder dan de galmende zinken emmer in het hok wat voor toilet moest door gaan. Dertien kilo lichter en een ton ervaringen rijker mocht ik tenslotte in ons op en top hygiënische landje weer de oude worden.

Nu zal het in Brisbane dus wel zo’n vaart niet lopen met de cholera. Die Aussies schijnen nogal van aanpakken te weten, en vermoedelijk is de grootste rotzooi wel opgeruimd, zodat dochterlief zich ongestoord mag vermaken met studie, stage en vrije tijd. Is zo’n afscheid niet heftig dan, op Schiphol. Jawel, want ik ben al jaren in het rijke bezit van een vrouw en drie dochters, en als die dus allemaal in ernstig snikken uitbarsten met ook nog eens een slikkende en geschokte aanhang er bij, dan moet je toch wel een soort granieten sfinx zijn om dat alles onbewogen aan te zien. En dat terwijl Joris Linssen niet eens met zijn ploeg aanwezig was om het tafereel voor de eeuwigheid vast te leggen.
Australië is een verdraaid eind weg. Je vliegt niet even in een weekendje op en neer om de gemoederen te bedaren of om even de zoveelste verloren pinpas te overhandigen. En toch: elk moment kun je het eerste bliebje via Skype of Messenger verwachten, en daarmee verandert de afstand in de dertig centimeter tot je webcam. Er zijn eigenlijk geen grenzen meer. The World in a Nutshell. Onze pubers kijken heel anders tegen afstanden aan dan wij. Ze hebben vrienden over de hele wereld ( hoe je al die 580 stuks trouwens moet bijhouden lijkt me een raadsel en bovendien nog eens dodelijk vermoeiend ). Dus wat doen wij ouders nu moeilijk?

Ja, wij doen toch moeilijk. We missen het moment laat in de zaterdagnacht dat je de voordeur zachtjes open en dicht hoort gaan. Dat je weet dat je kind weer thuis is na een avond stappen. Wij missen de eeuwig rond slingerende rotzooi, de stapels wasgoed en de scheermesjes in de badkamer waar je op je blote voeten je tenen per ongeluk mee afsnijdt. We missen het onderuitgezakte hangen op de bank, en het gekoekeloer naar de meest stompzinnige programma’s op tv. We missen het lichtje op de zolderkamer, wanneer wij al tollend van de slaap naar bed gaan. We missen de onafgeruimde ontbijttafel bij thuiskomst, en we missen de kou die door open gelaten deuren de kamer in stroomt. Daar kunnen geen webcam en geen MSN tegenop.

Uit handen geven is een hele kunst, zeker wanneer je bedenkt dat een kwartier voor vertrek de koffer weer half leeg moest vanwege ontbrekende of juist te zware dingen. Maar ja, zoiets duurt een weekje en dan heeft iedereen zijn draai gevonden, hierboven en Down Under.  En dan is het nog maar drie maandjes en drie weekjes te gaan. Zó voorbij.

3 antwoorden op “Down Under”

  1. Mijn dochter gaat vanavond weer ‘hospiteren’. Ze wil zo snel mogelijk op kamers. al is het maar drie straten verderop. Dus binnenkort heb ik het afscheid ook. En ik heb er maar een.
    Twee jaar geleden is ze een jaar naar Amerika geweest. En de afspraak was: geen bezoek. Ook heftig, toen.

  2. Kleine meisjes worden groot, papa’s ouder…
    Ik hoop dat ze een leuke tijd heeft “down under”
    Ik vond destijds schapenstage in Friesland al heeel ver weg:$

  3. Ja, ik herken het zo. Ze gaan de deur uit en alles wat je kan doen is hopen dat het goed gaat en niet je zorgen laten merken! Er gaat een stukje van jezelf weg, klinkt pathetisch maar zo voelt het [in je hart] wel hè.

Geef een reactie

Het e-mailadres wordt niet gepubliceerd. Vereiste velden zijn gemarkeerd met *

vier + achttien =