Draaiorgel

Mijn vrouw zegt zeer geregeld dat ik mij minder snel moet ergeren. Dat is vrij irritant, vind ik eigenlijk. Ik moet me bij tijd en wijle kunnen ergeren aan zaken die hoogst irritant op mij over komen, en dat zijn er nogal wat. Sommigen vragen zich misschien terecht af of ik grootaandeelhouder van de firma Rennies ben, en waarom ik nog geen maagzweer heb. Vrouwen die getrouwd zijn met mannen die overal wat op aan te merken hebben, zijn denk ik niet te benijden; die moeten als een soort Ban Ki Moon voortdurend sussend tussen bepaalde partijen heen en weer pendelen en verhitte gemoederen tot bedaren brengen. Bestond de wereldbevolking uitsluitend uit leden van het vrouwelijk geslacht, dan stel ik mij iets zoetgevooisd voor, met bloemen in een wei en schapenwolkjes en zo, en waar elk voorwerp wat ook maar enigszins met techniek te maken heeft, zou ontbreken.

Ik zou mij daar trouwens niet bepaald thuis voelen, alleen al vanwege het feit dat je nergens meer de afstandsbediening kan vinden, want die is nu ook al voortdurend aan de wandel. Nu heb ik trouwens een flink aantal afstandsbedieningen binnen handbereik, want lekker veel knopjes en zo, en het zorgt er voor dat de vrouwelijke wederhelft niet te veel aan de apparatuur, in het bijzonder de televisie, gaat zitten. Mocht ik ooit nog een keer komen te overlijden, dan gaat de tv als eerste de deur uit, gevolgd door de hi-fi set met surroundspeakers, de Playstation, de 3D-brilletjes, de Nintendo Wii, de settopbox van UPC, de harddiskrecorder, de mediastreamer, de Apple TV en de Wifi-router. Daarvoor in de plaats komt vermoedelijk een transistorradiootje van de rommelmarkt van de gereformeerde Bethel-kerk. In feite zijn vrouwen eigenlijk reddeloos zonder man, dus het past hen niet te klagen over al die apparatuur. Dat eeuwige gemopper.

Nu las ik vandaag op mijn iPad ( “Je houdt dat dat ding méér vast dan mij!” ) een tweet van collega-blogger Ton Broekhuisen een tweet naar een hilarisch blogje van hem  waarin hij stelde dat “winkelend publiek érg opgewonden raakt van draaiorgelmuziek”. Als ik mij érgens aan erger, dan is het wel aan draaiorgelmuziek; dergelijke klanken roepen bij mij eerder de neiging op het hele winkelpand én de bijbehorende straat kort en klein te slaan, dan er iets in te winkelen. Iedereen kent ongetwijfeld het draaiorgel beneden bij de roltrap richting Jaarbeurs op Utrecht CS. Je komt al verhit uit die trein die mogelijk helemaal niet reed of in elk geval te laat was, en dan word je daar beneden verwelkomd door bonkende herrie en twee lieden die je bijkans de weg versperren en zo’n irritant rammelblikje onder de neus douwen. Broekhuisen pleit zelfs voor een emmer, maar dat is gezien de huidige bezuinigingen en hogere draaiorgel-BTW niet verwonderlijk. Het enige wat je dan nog wilt winkelen is een doosje paracetamol tegen de hoofdpijn.

Wat het nog eens dubbel erg maakt, is de muziekkeuze van de meeste draaiorgels in Nederland: bijna altijd Amsterdamse Jordaanklanken, die ik prompt associeer met patserige lieden als René Froger en André Hazes zaliger. Sigarettenrook, verschaald bier, bouwvakkersdecolletées, deinende aanstekers in de lucht en platvloerse lol bij Tante Greet.
Draaiorgels dienen uitgewezen te worden, of te worden omgeschoold tot het spelen van bijvoorbeeld rustgevende New Age muziek op klankschalen en zo in plaats van dat gehengst. Als Barnevelder zou ik ook nog kunnen pleiten voor psalmen op hele noten om het reformatorisch koopgedrag ( hoeden, lange jurken, zwarte pakken en blouses met veel fraanje ) te stimuleren.  Of een stukje Mattheüs-Passion, het publiek blijft dan ook wat langer staan, want het is zo onbeleefd het einde niet af te wachten. Vogelgeluiden mag ook, want genoemd draaiorgel bij Hoog Catherijne heeft ook nog eens de onhebbelijke eigenschap de duizenden spreeuwen die daar elk najaar op het dak van het Beatrixgebouw zitten, te overstemmen.
Nu we toch verkiezingen krijgen is het trouwens misschien wel handig om als tegenwicht voor Hero Brinkmans OBP of de schamele resten van het CDA ( waar ze volgens mij gék zijn op draaiorgelmuziek, alleen al vanwege het woord “draaien”)  een anti-draaiorgelpartij  of pro-ergernispartij op te richten, de ADP of de PEP, om alle kiezers die zich ergens aan ergeren, een plekje te geven om die ergernis te ventileren. Dat scheelt een hoop ergernis.

Geef een reactie

Het e-mailadres wordt niet gepubliceerd. Vereiste velden zijn gemarkeerd met *

tien + drie =