Tongzoenen en de Top 2000

Het is weer Top 2000-tijd en zoiets brengt bij de gemiddelde midlife-crisislijder de nodige herinneringen boven. Men grijpt dan bijvoorbeeld naar een denkbeeldige gitaar of de afwasborstel ter vervanging van de microfoon, en danst dan hopelijk onbespied door het pand, want muziek doet de tijd stil staan en roept het beste ( of het minst gruwelijke ) in de mens naar boven. Meestal ligt dat beste ergens in de puberteit; sommigen blijven daar met genoegen nog lang of zelfs eeuwig in hangen, tot wanhoop van hun omgeving.
Het nummer waar ik op hoopte staat dit jaar niet in de lijst. Op de tonen van “Spirit in the Sky”van Norman Greenbaum onderging ik in bar disco “De Kop”aan het Bloemendaalse strand begin jaren ’70 mijn eerste tongzoen.  Ik zeg “onderging”, want wist ik veel: het lelijkste jongetje van de klas was blijkbaar slachtoffer geworden van een weddenschap van twee lieftallige klasgenotes, wier namen ik nu even niet zal noemen maar die wel in mijn geschokte geheugen gegrift staan, om te kijken wie van hen beiden dat slungelige monster tot zoenen kon krijgen. Vrouwen kunnen vreselijk zijn, ook al op hun zestiende. Zo kwam het dus dat ik die avond, nadat wij met de klas op opgevoerde Mobylettes en Puchs vanuit Bloemendaal naar onze stamkroeg waren gescheurd, werd ingewijd in dat wonderbaarlijke moment waarop iemand van het vrouwelijke geslacht een vochtig en kronkelend stuk vlees tussen je lippen door probeert te persen. Zo was dat dus, onder de dreunende klanken van Spirit in the Sky, en de hemelpoort opende zich letterlijk en toonde zich in de door black light  paars oplichtende haren van meisje M. , die de weddenschap met vriendin H. had gewonnen. Ik was dus blijkbaar toch aantrekkelijk, meende ik in mijn  argeloosheid, en om er nog een schepje bovenop te doen, deelde ik haar tussen het lebberen door dat wij nu dus blijkbaar verliefd op elkaar waren en dat ik dat nooit van haar verwacht had. Hoe wreed was de harde werkelijkheid de maandagmorgen daarop volgend.  Dat is het aardige aan de puberteit: die toppen van genot  en die diepe dalen van ellende. In beide heb ik met genoegen gezwolgen.

Er kwamen nog vele hits en zo is zo’n Top 2000 voor menigeen een aaneenschakeling van hopeloze en iets minder hopeloze liefdes, al moet ik de eerste nog tegenkomen die er 2000 heeft gehad, ook al had je in die jaren soms wel dat idee. Muziek is herinnering. Wanneer de saaist mogelijke lesstof in de vorm van tophits en videoclips zou worden gebracht, zou Nederland tot ongekende hoogte stijgen in de Pisa-lijsten. Niets blijft zó bij als een situatie gekoppeld aan een bepaald nummer. Spirit in the sky, in extase lopend langs het donkere strand, de lichtende zee, een vage parfumgeur in je neus en steeds maar die sensatie van die kronkelende en hongerende tong voor de geest. De volmaakte combinatie.

Hadden we op dat moment echter het gekweel van Jan Smit – waar de Top 2000 momenteel nogal onder lijdt – aan moeten horen, dan was de poging tot tongzoenen mogelijk ontaard in een kille moordpartij, het afzweren van alle toekomstige verliefdheden en een levenslange retraite in een klooster ergens hoog in de Pyreneeën. Toch ook wel weer een beetje Spirit in the Sky dus.

http://www.youtube.com/watch?v=utLrYEWhaXM

Het schoolreisje (3)

Wie 30 jaar in het onderwijs zit maakt heel wat schoolreisjes – tegenwoordig natuurlijk ‘excursies’ geheten – mee. Daar zitten memorabele tussen, vooral die uit de tijd dat ik nog les gaf op een huishoudschool IJmuiden. Die school stond in een soort Kanalen-eiland buurt, en wie maandagmorgen als eerste op school kwam kon geregeld constateren dat er bijvoorbeeld met een geweer dwars door de hele school geschoten was: bij de voordeur er in, en achterin de gang weer naar buiten. Ja, dat waren tijden. Kom daar nu nog maar eens om.
Maar de uitstapjes waren altijd een enerverende ervaring. Een dagje met de bus naar het  Miranda-bad in Amstelveen, waar een groepje meiden op de achterbank het achteropkomend verkeer ernstig in gevaar bracht door het ontbloten van diverse boezems, een handeling die ook voor de onderwater-doorkijkruit nog ijverig herhaald werd.
Lichtelijk ontredderd kom je dan na zo’n dag weer thuis.
Naar een tentenkamp in Drenthe, waar de in de omgeving weggestopte boerenzoons als vliegen op de stroop van heinde en verrre op ons meegebracht stads vrouwelijk schoon kwamen toegestroomd. Echte meiden kieken! Bij ons als begeleiders gaf dat natuurlijk aanleiding tot lichte paniek, want dat betekende weer een aantal nachten  met een flinke knuppel in de hand surveilleren rondom de tenten om te zorgen dat de tegen die tijd sterk benevelde boeren buiten en de meiden binnen bleven. Beide partijen wensten daarin niet echt mee te werken.
Tijdens een zeilkamp in Friesland bracht ik na enkele nachten doorwaken ook een nachtje in een zeilboot door, vèr van het strijdgewoel, om toch even de broodnodige rust te krijgen. Mijn collega’s namen waar. Vaag drong wel enig rumoer tot mij door, en de volgende morgen bleek dat de plaatselijke jongerenvereniging die nacht had benut om met wrakkige auto’s als razenden rond de tenten te scheuren, met vechtpartijen en politie-charges tot gevolg. Ach ja.
Aardig was ook een uitstapje van enkele dagen naar een vakantie-oord in Heino: de eigenaar, een door de wol geverfde recreatie-ondernemer, had daar de gewoonte om ’s avonds de gasten middels een stevige geluidsinstallatie een griezelverhaal te vertellen, waarbij iedereen zich rond een groot kampvuur schaarde. Ons meegebrachte publiek was zo’n grote knusheid duidelijk niet gewend, zodat de verteller zich genoodzaakt voelde zijn stem steeds verder te verheffen, en ook moest het volume van de installatie steeds verder opgeschroefd worden. Wat wij als begeleiders al vreesden gebeurde dan ook uiteindelijk. De beste man verviel in een staat van schuimbekkende razernij, en de sidderende dorpsbevolking  van Heino, toch een kilometer verderop of zo, heeft hem nog tot diep in de nacht horen vloeken.
Ja leuk, zo’n schoolreisje.

Het schoolreisje (1)

Het begin van het nieuwe schooljaar gaat op veel onderwijsinstellingen veelal gepaard met introductieweken en -kampen. De leiding vervoegt zich bepakt en gezakt en in jolige stemming op het instituut en aanschouwt een wat landerig kijkende groep nieuwe leerlingen die wat onwennig bij hun fietsen rondhangen, die op de meest gruwelijke manier zijn volgepakt met allerlei staketsels. Waar je vroeger nog wel eens een poncho tegen kwam, kan er nu alleen nog een trainigsjack van af, een heel enkele keer nog een regenjack, want je gaat als puber natuurlijk niet voor paal lopen met zo’n opengeknipte vuilniszak over je hoofd.
Zo vertikt mijn jongste dochter het dus ook om een fatsoenlijke jas aan te trekken, wat voor barre weersomstandigheden er buiten ook heersen, om over een degelijke schooltas maar helemááál te zwijgen. Paps en mams betalen die boeken toch wel. Een rugzak is trouwens ook zóó 2006.
Mijn eigen eerste schoolreisje kan ik mij nog goed herinneren. Vanaf de Beatrix kleuterschool in Overveen naar Kraantje Lek in Overveen, met paard en wagen, in mijn herinnering een enorme reis, nagezwaaid door alle ouders en gezeten pal tegenover Annemarie Bardonauw, waar ik de gehele verdere lagere schoolperiode zwaar verliefd op ben geweest, totdat zij mij na de overgang naar de grote school “de bons gaf”. Een stevig jack aan, mèt kapuchon, waarvan je de veters strak onder je kin kreeg gestrikt. Geen probleem. En natuurlijk mijn bomvrije stoere jongensbril, met rubberen nopjes aan de pootjes tegen het verliezen. En waar ik erg trots op was: mooie nieuwe bruin leren sandalen.  Vèt! Ook kreeg je nog een pakketje brood met hardgekookt ei ( verpestende stank ) en een flink stuk komkommer mee, wat toen inderdaag nog naar komkommer smaakte. Vermoedelijk heb ik me daar kostelijk vermaakt: schommelen, wippen, verstoppertje in de holle boom en heel hard het klimduin op en neer. Hoogtepunt van de dag zal ongetwijfeld een glas heerlijke ranja zijn geweest. En gezongen dat we hebben. En toen we ’s middags om een uur of drie thuiskwamen met ons paard en wagentje, stonden daar weer alle ouders, en gingen we doodmoe maar innig tevreden naar bed, misschien na nog even naar “De Verrekijker” bij de buren ( die waren rijk, die hadden als enige al TV in de straat ) te hebben gekeken. En Annemarie – helemaal links achter op het wagentje- , als je dit leest, hoe is het met je?