Uit

Lichtelijk ontreddering in huize Wauwel. Al weer 23 jaar ben ik in het gelukkige bezit van een aantal dochters. Eerst eentje, toen twee en tenslotte drie. En dan nog de vrouw die daarvoor zorgde. Die laatste , mijn echtgenote dus, is vanmiddag afgereisd naar de Franse Alpen om zich daar een beetje op ski’s van een berg af te storten. Een jaarlijks terugkerend fenomeen, niet te stoppen, en al weken wordt er in dit huishouden over gepraat. Nu zou ik dik tevreden zijn met het zachtjes heen en weer gereden worden in een arreslee, dik ingepakt over een deken en met een fles kruidenbitter in de hand, maar de wederhelft  moet  zo nodig gevaarlijk doen. Dat wordt dus mogelijk over een week een dagelijkse gang naar de gebroken benen-kliniek.

Een aantal jaren geleden, toen de dochters nog jong en redelijk onbeholpen waren ( dat laatste komt trouwens nog geregeld voor als het hen zo uitkomt ) betekende zo’n wintersportweek dat ik een soort nauwkeurig uitgestippelde campagne in werking zette, die zorgvildig was voorbereid door mijn vrouw: de wasmachine op stand 3 voor de donkere was, en stand 2 voor de witte was. De droogtrommel leegruimen na gebruik en niet in de wasmand laten zitten, want kreukels. Beha’s en andere enge dingen in een speciaal stoffen zakje voordat het in de machine gaat.  De groentenman komt op donderdagmiddag. Alleen paar grapefruits kopen, want sinaasappelen nog genoeg.  Het orkest afzeggen en niet vergeten naar ouderavond van jongste te gaan. Door de weeks van de chips afblijven. Proberen eens een keertje te stofzuigen.  En er ligt nog opgedroogde kattenkots onder het plantentafeltje in de serre, vanochtend ontdekt. Even opruimen graag.

Er moet een standbeeld komen voor werkende moeders die ook nog huisvrouw zijn. Maar: er moet ook een standbeeld komen voor werkende vaders die bloedjes van kinderen moeten opvoeden wanneer de moeder op vakantie is.  Vanavond kwam ik doodmoe thuis na hectische dag op school ( waarover in een komend blog uitgebreid meer ) : niemand die wat opgeruimd had.  Twee dochters hevig aan het telefoneren met vriendjes en vrienden van vriendjes want er moet vanavond uitgegaan worden in Utrecht. Om een uur of acht denk je dan. Maar nee, om half twaalf (!) weg. Of ze ook de auto meemogen. In de binnenstad. Langs dronken hordes. Visioenen van ingeslagen ruiten en gebroken spiegels.  Of ze nog wat geld mee krijgen. En ik maar koken en redderen ondertussen.  Maar goed, alles is nu aan het tutten en opmaken, de ene na de andere verkering druppelt binnen en straks, om twaalf uur, begint voor mij het grote zappen, hangend op de bank,ongegeneerd de benen op de tafel, een klein bakje chips ( ik moet lijnen ) . Twitteren zonder schuldgevoelens. En om één uur naar bed, al een redelijke uitspatting qua tijd. Of vijf uur, als de dames thuiskomen. Net waar ik zin in heb. Heerlijk zo’n weekje voor jezelf. Dat het nog maar even mag duren! En morgen ga ik m’n haar maar weer eens laten verven. Gewoon, m’n gang gaan.

Geef een reactie

Het e-mailadres wordt niet gepubliceerd. Vereiste velden zijn gemarkeerd met *

drie − 3 =